De verborgen uitstoot van zonnepanelen

De verborgen uitstoot van zonnepanelen

Zonne-energie wordt momenteel gezien als één van de drie belangrijkste bronnen van hernieuwbare elektriciteit samen met wind- en bio-energie. Momenteel is 32% van de groene stroom in Vlaanderen afkomstig van zonne-energie. Kunnen we er zomaar van uitgaan dat groene stroom minder CO2-uitstoot heeft dan bijvoorbeeld de stroom van een nieuwe gascentrale? Zon- en windenergie stoten geen CO2 uit als ze operationeel zijn, maar wel via hun grondstoffen, productie, transport, installatie en afbraak. Er is al veel onderzoek gedaan naar de klimaatimpact van zonnepanelen en uitkomsten verschillen van 30 tot meer dan 100g CO2-equivalent per kilowattuur. Windenergie presteert op dat vlak duidelijk beter dan de meeste andere fossiele technologieën, bij zonne-energie is het verschil kleiner. Waar komt de spreiding van de resultaten onder de verschillende onderzoeken dan vandaan?   Om de klimaatverandering aan te pakken stelde de EU de 20-20-20 doelstellingen in die tegen 2020 gehaald moeten worden. Dit houdt in dat er over heel Europa 20% minder broeikasgassen uitgestoten mogen worden, 20% van de energie moet van hernieuwbare afkomst zijn en er moet 20% meer energie-efficiëntie zijn ten opzichte van 1990. Om in zijn opzet te kunnen slagen, gaat men ervan uit dat hernieuwbare energie wel degelijk een significant lagere CO2-uitstoot heeft dan andere technologieën. Het is daarom wel interessant om dit onder de loep te nemen. Een algemeen aanvaarde methode voor het kwantificeren van de impact op het milieu van een bepaald product is de life cycle assessment (LCA). De ‘impact’ omvat de uitstoot van broeikasgassen, maar ook uitstoot van stikstofoxiden, waterverontreiniging, verzilting, uitstoot van fijnstof, … . Dit artikel zal enkel de broeikasgassen bekijken voor  verschillende elektriciteitscentrales...
Nieuwe batterijen worden gemaakt van… CO2?!

Nieuwe batterijen worden gemaakt van… CO2?!

Hoe koolstofdioxide kan gaan van staatsvijand tot nuttig product We stoten te veel CO2 uit, dat weet iedereen. Twee doorbraken in de batterijwereld zorgen er nu voor dat het gas kan gebruikt worden om batterijen mee te maken. Die zouden meer energie kunnen opslaan én onze uitstoot kunnen verlagen. CO2 is de grote vijand van iedereen die aan het klimaat denkt. Zelfs de sceptici van harde klimaatregelingen begrijpen dat onze productie van dergelijke broeikasgassen moet dalen. Waarom vangen we onze uitstoot dan niet gewoon op en steken het daarna terug ondergronds? Die techniek, genaamd Carbon Capture & Sequestration, wordt al toegepast maar is zeer duur. Bijkomstig is deze techniek ook zeer energie intensief: bij een elektriciteitsproducerende gascentrale zou namelijk tot 30% van de geproduceerde elektriciteit gebruikt moeten worden om de CO2 te scheiden uit de uitlaatgassen.  Toch kunnen twee recente doorbraken deze techniek binnenkort rendabel maken.   Van gas tot batterij Onderzoekers aan het MIT bedachten een manier om de CO2-productie van een elektriciteitscentrale om te zetten in een bruikbare grondstof. Ze lossen het gas op in een waterige oplossing met daarin een amine (i.e. een organische stof met een stikstofatoom in de keten). Op die manier kunnen ze een efficiënte elektrolyt maken, 1 van de 3 hoofdbestanddelen van batterijen. Samen met een koolstofanode en een kathode gemaakt van lithium, heeft deze batterij het potentieel om tot 7 keer meer energie op te slaan dan een even grote lithium-ion batterij die je nu overal tegenkomt. Stel je voor: een smartphone die een volledige week meegaat, in plaats van één dag. Terzelfdetijd wordt diezelfde batterij gemaakt van koolstofdioxide die onze...