Stadsverwarming op kernenergie: gek of geniaal?

Stadsverwarming op kernenergie: gek of geniaal?

Het verwarmen van woningen en kantoorgebouwen is verantwoordelijk voor een groot aandeel van de CO2-uitstoot (18% in België). Warmtenetten kunnen een grote rol spelen in het vergroenen van onze verwarming. Een warmtenet is een energienetwerk, zoals het gasnetwerk, maar in plaats van gas wordt warm water getransporteerd. Deze warmtenetten worden typisch gevoed door restwarmte van gas-, bio- of steenkoolcentrales, restwarmte van de industrie, zonne-energie of geothermische energie. Hier en daar wordt ook restwarmte van traditionele kerncentrales gebruikt. Dit laatste wordt relatief weinig toegepast omdat kerncentrales typisch op enige afstand van grote steden worden gebouwd. De “China National Nuclear Corporation” (CNNC) heeft nu echter plannen op tafel liggen om een kerncentrale te bouwen die geen elektriciteit produceert maar enkel warm water. Gek of geniaal? Klassieke kerncentrales, zoals deze in Doel en Tihange, werken met water op hoge temperatuur (± 300°C) en hoge druk (± 150 bar). Dit is een voorname oorzaak van complexiteit en bezorgdheden omtrent veiligheid. Wat als een hogedrukleiding barst of lekt? Wat als het reactorvat zou scheuren? Bovendien is een hogedrukvat beperkt in volume. De totale hoeveelheid primair koelwater is hierdoor beperkt. Dit zorgt ervoor dat het koelwater snel kan opwarmen en wegkoken wanneer er problemen zijn met de koeling. Dit gebrek aan thermische inertie speelde een centrale rol in de “meltdowns” in Fukushima Daiitchi, waarbij een tsunami ervoor had gezorgd dat er een gebrek aan koelwater aanwezig was. Een reactor die enkel warm water op 90 à 100°C produceert heeft geen hoge-druk-circuits nodig. Hierdoor vallen bovenstaande bezorgdheden grotendeels weg. Daarom kan dit type reactor veel eenvoudiger, goedkoper en inherent veiliger zijn dan kerncentrales voor elektriciteitsproductie. Dit...
Hoelang blijft het licht nog branden?

Hoelang blijft het licht nog branden?

Het Belgische elektriciteitssysteem is de laatste tijd het onderwerp van menig krantenartikel. Dit is niet zo vreemd aangezien we het laatste jaar in België niet stil stonden. Zo komt hernieuwbare energie steeds meer in de belangstelling en sleutelt men aan de zogenaamde slimme meters. Interessant werd het pas echt toen een aantal van onze trouwe kerncentrales vorige winter dienst weigerden. Het was de bron van een hele reeks doemscenario’s die gingen van afschakelplannen tot heuse black-outs. Uiteindelijk hebben we vorige winter toch niet zonder licht gezeten en heeft niemand het koud gehad. We kunnen dus op onze twee oren slapen en de kernuitstap kan geen probleem meer zijn. Toch fronsen er nog vele wenkbrauwen wanneer dit onderwerp aan bod komt. Kunnen we dan niet gewoon de markt zijn ding laten doen en het probleem zichzelf laten oplossen?   Een kwetsbaar evenwicht De elektriciteitsmarkt verschilt heel erg van eender welke andere markt. Normaal produceer je iets en hou je het bij tot iemand het van je wil kopen. Bij elektriciteit zit het wel even anders omdat het opslaan van elektrische energie zeer moeilijk is. In principe moet alles wat geproduceerd wordt op hetzelfde moment gebruikt worden. Of beter: alles wat verbruikt wordt moet iemand anders gelijktijdig produceren. Wanneer dit niet lukt, is er een probleem. In het ergste geval spreken we van een black-out, wat zo veel betekent als geen elektriciteit in één of meer regio’s. Om het niet zo ver te laten komen, is in ons land netbeheerder Elia verantwoordelijk voor deze balans. Zij maken zelf geen elektriciteit maar zorgen ervoor dat iedereen zich mooi aan de regeltjes houdt...